Sunday, December 28, 2014

RUSTIGE BAREN

RUSTIGE BAREN
Ketting nummer 6 Facebook
(Foto's des dichter zelve)


Het licht verstart bevroren, telt de seconden
traag noch achteruit. Zij broddelt werkjes
bewolking uit vele monden, condenseert
kabbelende dialogen, langzame
bewoordingen van nergens
over.

Het zijn menselijke passanten verstild op
het afkalvend zand, een voortdurend strand
dat altijd de vele vaste voeten. Verloren
kuieren in een veelvuldige tijd.

De huizen staren zich oud en verweerd naar
het vele voortdurende zout. Een verbeten
kust die naar gaten hapt , seizoenloos naar
grijzen neigt van helm tot duin.   

De glimlach blauw de hemelse belofte.
Wind verscholen in haar schulp. De
zee kalm in haar tevreden golven.
Niets definitief anders te willen
dan deze vredige gratie van het
er even zondags tussenuit –


Elbert Gonggrijp,  Egmond aan zee, 
Cafe Restaurant “ De Klok “, 
Zondag 28 december 2014   







Saturday, December 27, 2014

ALS HET DEFINITIEF

ALS HET DEFINITIEF
5e gedicht in de reeks kettinggedichten voor Facebook


Niet langer hoeft uitgeplozen, niet langer taal gezwoegd, het landschap blootgelegd,
een boek dat open en bloot. Ik riskeer mij het lauweren, ik rust, ik hoef je niet
langer tot vermaak, ik mag de weg kwijt. Ik mag mij verliezen omdat ik mij
weer voor jou aanwezig ben. Waar die verloren tijd? Ik heb niets gezegd,
Ik was verdiept in mijn eigen spel, vereenzelvigde  het onvertogen woord.

Onderwijl rust de aarde in de verkilde nacht, vriest het ingetogen tot verstilde
beelden. Hoeveel thuis zijn wij, ik kijk je op, ik weet vertraagd jouw naam. Ik
ben weer plaats, ik word weer huis, ik vraag wie jij bent vandaag en de
gebruikelijke maaltijd van het vertrouwde. Zal ik je dan op het laatst
een aubade omdat jij, enkel jij alleen?

Ik stapel laatste letters op een rij, zet ze weg voor later. Wat ik jou ooit zei,
mag weer zo waar als het ontwaken uit de slaap en weer weten wie jij bent.
Ja, jij mag, vergeet dit definitieve gedicht wat ik je achterlaat. Mijn blik weer
het open vizier voorbij de vaste vorm die de bewogen emotie en ratio
beredeneerde.

Vind mij, hou van mij, deel mij, word eventuele vrienden. Maar wat deert het?
Ik ben mijzelf hier achtergebleven zonder dat ik nog restte, ik  heb mij hier
achtergelaten wie het wil begrijpen. Ik ben elders in de smidse waar altijd
alles in de pen. Een relict wat ik je schreef, een echo van een ooit gecreĆ«erde daadwerkelijkheid. Zie het maar als de sterren hoe vergeefs en doods –


Elbert Gonggrijp,  Alkmaar,  zaterdag 27 december 2014 






   

OM DE VORM


OM DE VORM

Kettinggedicht 4 Facebook
 

Weeg de brief, lees hem tegen het licht,
een alledaags jou aanwezig zijn. Jij hebt
hier je zo nadrukkelijk jezelf, het heeft
het eerste beeld de jaren vergeeld.
 

Daar sta ik dan en overpeins het schrift.
Jij moet aanwezig, maar ik lees afstand
in jouw letters die mij welbekend. O,
dat houden van zo ellendig ver weg. 

De pijn wintert als ik jou terzijde leg. Jij
kan altijd nog als ik je openvouw, ik kan
nog lezen wat jij zegt, maar voor hoelang.
 

 Jij sterft hier zin voor zin. Was je die
laatste brief, ik had je steeds het hart
bedrukt. Ik had je altijd nog nabij.
Maar jij ging vanwege mij.

Enkel nu die ansichtkaart die elk Oud  
en Nieuw de goede vrede preekt . Pro
forma weliswaar. Waar de liefde als jij
een groet, een idee fixe, een vraag  – 
 

Elbert Gonggrijp,  Heerhugowaard,  vrijdag 26 december 2016,  2e kerstdag
 
 


 

 

  

 
 
Bronvermelding laatste foto: Jumbojetje
 

Friday, December 26, 2014

EEN HEIMELIJKE EINDE

EEN HEIMELIJK EINDE
Derde kettinggedicht voor Facebook


De BH, de panty, de achteloze slip. Is dit liefde? Ik vond je hier zo geil,
Ik zag je zo uitgestrekt, het moest iets van hunkering. Niets herinnerde.
Dit waren de dagen van sigaretten en verschraalde drank. Het liet ons  
de twijfel, de heimwee naar vol verstand. De oogopslag werd spijt. Het
had naakt de schaamte voorbij. Het werd schraal non-verbaal.

Het was onverbloemd, het was de kale ruimte van het bestaan. Hoe wij
opnieuw tot pubers het onbeholpen gedrag. Stiekem, omdat ons niets
werd toegestaan. Houterig wat pijnlijk hangen blijft, een onverholen
einde. Ons geweten dat er een ander een zoveel eerlijker spel.

De lucht grauwt, het zwijgt een afgrijselijke zondag,  het hongert een
meedogenloze winter. Valse romantiek van eeuwige sneeuw, gestaag
van het voortdurend vallen. Ach, hoe mooi leek de stilte van deze leegte, 
de smetteloze beoogde tijd. Alsof alles schijnbaar een opnieuw begin.
Kon het ons maar proeven van de behoefte zo dichtbij elkaar.

Als was het even maar. De muren oud en gehorig. Wij zijn gezien, wij
hebben niets, wij zijn zo eenzaam anoniem. Waarom nog fluisteren
als niets wezenlijk vertrouwd en volstrekt afwezig blijft. Wij zijn als
blind, maar vingers op de tast. Wij winnen nooit terrein, moeten als  
afscheid aangekleed. Hoe bitterzoet het verlies van wat ooit zo –


Elbert Gonggrijp,  Alkmaar,  26 december 2014,  2e kerstdag


Engelse vertaling:



STEALTH AN END
Third chain poem for Facebook


The bra, panty , careless slip . Is this Love? I liked you so horny here. I saw you so vast , it had something of craving . Nothing remembered. These were the days of cigarettes and stale booze. It left us with doubt, the nostalgia for full understanding. The glance was sorry. It had bare the shame over. It was skimpy nonverbally .

It was plainly , it was the bare space of existence. How do we
again until the awkward adolescent behavior. Secretly, because us nothing was allowed. Stocky some painful hang remains an undisguised end. Our conscience that another a much fairer game.

The air snarls, the silent one ghastly Sunday, it hungers a
ruthless winter. False romanticism of eternal snow, steadily
the constantly falling . Ah, how beautiful it seemed the silence of this void, they immaculate target time. If everything seemingly a restart. Could we but taste the need so
close together.

If it was anything but.The old walls and noisy . We have seen, we have nothing , we are so lonely anonymous. Why whisper nothing remains essentially familiar and totally absent. We are like blind, 
but the fingers on touch . We never gain ground , as should dressed goodbye. How bittersweet loss what so ever -



Elbert Gonggrijp , Alkmaar, December 26, 2014 , 2nd Day


Bijschrift toevoegen