Tuesday, January 06, 2015

HET MEEST SUBLIEME

HET MEEST SUBLIEME
Voor mijn liefste

  Elke dag schrijven “


Het was onverwachts dat wachten plots een naam,
de liefdevolle verwonderende jij. Je stond daar zo
naakt in je taal, je stond daar in al je overgave. Je
besloot wat ik al die tijd had uitgesloten .Je was
daar, je omhelsde mij, het was waar, je wilde mij  
overduidelijk voor elkaar.

Het werd het ongelooflijk jaar dat ik nooit voor zo
mogelijk had genomen. Je had mij zeker eerder
gekozen  als je het ooit eerder voor jezelf had
gedurfd als overwogen. Het moest nog voorbij
de tijd.

Daarin heb ik jouw toekomst ontmoet, zo raakten wij
in elkaar verward, wij waren kunst, werden liefde in
het geniep. Het heimelijk verlangen sterker dan het
anders te kunnen willen.  Elkaar te herkennen
 dieper dan een vluchtig zo nu en dan.

Jij koos, jij verlangde, je won, jij verloor. Jij hebt een
een huid afgedaan, jij verliet wat zo vanzelfsprekend
weelde en geluk. Hier sta je dan, je kon niet anders
dan. Je houdt van mij zoals ik van geen  ander houden
kan. Jij bent mijn adem, zoals jij mijn adem.

Onze blikken gekruist, maar met het oog op
vrede. Verbaasd, te leven zonder de zoveel
onnodige vragen –


Elbert Gonggrijp,  Alkmaar,  maandag 5 januari 2015








  

Monday, January 05, 2015

ONTSTEEK MIJ -

ONTSTEEK MIJ
Elke dag schrijven
Voor een goede vriend

Ik heb de nacht voor jou de dag bedacht. Jij wilde
jezelf, je was vrij, het stond je vrij jezelf te zijn,
je kon het, maar een behoedzame moeder. Jij
had hierin volwassen kunnen leven, je kon
ruim baan, ook met die argwaan.

Nauwelijks op benen gestaan, want immers het
begane verleden waarin de daden nog aan je
kleefden. Je had er nooit om gevraagd toen je
zwak van geest niet van grenzen wist. Ik ken je
zonder kattenkwaad, een kwestie van geloven.

Jij moet je voorzichtige vleugels op eigen benen. Je
hebt daartoe alle kans, ik ben zo duidelijk bij je. Je
waant je alleen of een voortdurende vraag. Ik weet
jouw weg maar geef het jouw tijd om haar weer
uiteindelijk te besluiten. Ontsteek mij in jou –


Elbert Gonggrijp,  Alkmaar,  maandag 5 januari 2015 



Bijschrift toevoegen




Bijschrift toevoegen

Sunday, January 04, 2015

NAAKT


NAAKT
Sprokkelen….
 

Het hoeft niet gezegd, wij zijn naakt, het is winter, wij hebben
zoveel meningen, hoe zal het zich meten, het waant zich zeker,
maar de kraaien. Wij willen gekend, maar wij denken onszelf
overal de twijfel, want wat zijn wij nu helemaal?
 

Het heeft het hart op de tong, maar weet zich verloren in alle
richtingen van de weloverwogen anekdote.  Waar vinden
wij de o zo benodigde opinies om vanuit het bescheiden
wezen het verhulde medeleven van de dichter?
 

Nee, dan de zorgvuldige woorden af te richten. Waar zal ik ze
laten horen, wanneer schiet ik  verantwoord mijn pijlen? Ik boog
mij hoog van bescheidenheid, een heuse keizer die schaamteloos
van kleren spreekt. Wie of wat te zijn in de menigte. 

Ik ben de dichter, dus ben ik vele dichten lichter nog steeds wie 
ik tracht te willen zijn.  Zie! Ik bespeur een geluid! Ik vang haar
argeloos een mogelijke verstrekking tot gevolgen. Ach, hoe
beroemder ik in mijn ogen van de enig mogelijke noodzaak –
 

Elbert Gonggrijp,  Heerhugowaard,  zondag 4 januari 2015
 
 
 

 

Friday, January 02, 2015

EERSTE KLANKEN



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



EERSTE KLANKEN
Thema Gedichtendag 2015

Voor mijn liefste Conny
 

Was er dan het lied in alle vroegte die de herkenning
van de ware liefde bedoelde, een onvermoed signaal
dat je mij al helemaal in de gaten had? Ik kreeg jouw
melodie niet uit mijn hoofd, ik zong je door de straten.
 
Er was mij geen rozentuin beloofd, jij was mij zelden,
jij was mij zeldzaam. Ik wachtte gelaten het verlangen
af. Jij drogeerde, jij was er zo nu en dan en ik leefde
jou zolang jij jouw melodie etaleerde.
 

Zing met mij. Ik luister gedwee wie jij mij zo mateloos
beoogde, jij bent overduidelijk jezelf, jij bent openlijk
aan mij gemeen. Wij horen de deinende golven, wij
horen de vertellende vogels hoe het nu uiteindelijk.
 

Daar staan wij dan, jij je zang van het immer zo hebben
willen zeggen. Het is klaar nu, zo helder van onszelf. Wij
leven ons zo natuurlijk de natuur, het zingt zich nu van
buiten uit het hoofd. Het heeft een lied de liefde
bezongen. Jij tegenover mij –
 

Elbert Gonggrijp,  Heerhugowaard,  vrijdag 2 januari 2015
 
 
 
 
 

SCHRIL


SCHRIL
De dag nadat –
 

De winter wil niet weggeweest. Zij kan niet anders. Het gemeende
feestgedruis kent fel de vlagende wind en de kou die daar schraal
tussen zit. Geen tussengebied van het liefdevol beminnen. Wat je
niet weet zie je niet ogenblikkelijk genuanceerd.
 
Dit is de uitdagende verveling. Je stapt door een schrille wereld die
zich niet tot welkom uitgekozen wist, het zoekt naar eigen grond, het
kan nog niet naar buiten. Het is het stilaan ongenoegen dat zich hier
zo pijnlijk wringt.

De meeuwen bedingen zich het wanordelijke brood door de
gedachteloze hand uit het uiteindelijke zicht. We hoeven ons zo
weinig mogelijk getuige. Wij wensen ons om niets, het is het
overtollige eigen. Een achteloos gebaar, een daadwerkelijke
ontkenning.
 
Het onbuigzaam riet vergeelt. Er is intolerantie gebleken tegen het
dagelijkse gedwee. Alles waaiend met de grillen, alles wars van
wat niet star wenst te breken. Hoe kan ik ooit hier heimelijk
verblijven als ik nooit verder kom mij te verbijten?

De struiken bewegen zich nors achter verwijtende ramen. Er is geen
enkele vlucht van vogels die ternauwernood ontkomt aan de grillen
van de tuimelende lucht. Bestaat een elders om alsnog, om de rust,
de mogelijke kalmte? –
 

Elbert Gonggrijp,  Heerhugowaard,  vrijdag 2 januari 2015
 
 




 

 

Thursday, January 01, 2015

Zo eender hetzelfde/If any same...


ZO EENDER HETZELFDE
Nieuwjaarsgedicht
 

Alles heft het glas, alles knalt ervan. Maar niets wil
van oud naar nieuw, het onkruid even grijs, het licht
net zo hard als achteraf.  Alles blijft zoals het was.
Hoezo zal alles net zo anders als alledag?

Het is niets nieuws. Wie zegt mij niet dat alles net
zo anders steeds hetzelfde leeft? Ik ontwaak zoals
eenzelfde tijd,  maar overvloedig van drank en de
vele vraat van overmaat. Ach, als ik achter het
gordijn mijzelf weer tot vooruitzicht kijk, een
nieuw begin, een ander woord?  

Is dit het dan, de vogels zwijgzaam binnensmonds,
een krokus verbolgen in zijn  grond. Het beeld dat
hongert als verveeld langzaam weer tot plicht
bedeeld, gaande weg niets bijzonders wordt.
Januari slechts kalendermaand. De eerste
dag weer sigaret . De lucht als eender
vooralsnog –
 
Elbert Gonggrijp,  Heerhugowaard,  vrijdag 1 januari 2015
 

If ANY SAME
New Year Poem

English translation by Google
 

All lifts the glass, everything pops it. But nothing will
from old to new , the weeds as gray, light as hard as
afterwards. Everything remains as it was. Why all
will be as different from everyday life?
 

It's nothing new. Who does not like me that everything
so different repetitive lives ? I wake up at the same time,
but plenty of drink and many gluttonous excess . Ah, if
I left it curtain myself again look to prospect , a new
beginning, a different word?
 

Is this it , the birds silent heartedly , a crocus groaned in
his land? The image that hungers as bored slowly back to
duty endowed , going away is nothing special? January
only calendar, the first day cigarette. The air if any
being –

ZO EENDER HETZELFDE



ZO EENDER HETZELFDE
Nieuwjaarsgedicht
 

Alles heft het glas, alles knalt ervan. Maar niets wil
van oud naar nieuw, het onkruid even grijs, het licht
net zo hard als achteraf.  Alles blijft zoals het was.
Hoezo zal alles net zo anders als alledag?

Het is niets nieuws. Wie zegt mij niet dat alles net
zo anders steeds hetzelfde leeft? Ik ontwaak zoals
eenzelfde tijd,  maar overvloedig van drank en de
vele vraat van overmaat. Ach, als ik achter het
gordijn mijzelf weer tot vooruitzicht kijk, een
nieuw begin, een ander woord?  

Is dit het dan, de vogels zwijgzaam binnensmonds,
een krokus verbolgen in zijn  grond. Het beeld dat
hongert als verveeld langzaam weer tot plicht
bedeeld, gaande weg niets bijzonders wordt.
Januari slechts kalendermaand. De eerste
dag weer sigaret . De lucht als eender

vooralsnog –
 

Elbert Gonggrijp,  Heerhugowaard,  vrijdag 1 januari 2015

 
 



 

Tuesday, December 30, 2014

KONING WINTER

KONING WINTER
Voor de digitale nieuwsbrief van de KNNV, BLADLUIS
 
 Een Verkade plaatje vereist oprechter sneeuw. Maar wil
 dit, dan moet het telkens maar opnieuw. Wil het wat, dan
 moet het voorbij elk vriezen en dooien. Dat de hongerende
 vogels weer op trek, de mezen en de merels.
 
Het vergrauwt de ijzige lucht, het riekt naar warme chocolade.
Het vereist nostalgie van dikke wanten. Het ontziet de ijsvogel
       en onthaalt de eenzame reiger. Er kan beter dan het smachten,
de levendigheid van argeloze prooi. Beter dan de rigor mortis
van de wellustige dood. 
 
Ik zie de verkillende bomen en staak als contrast hun oude tijd.
Waar hun fijnnervige takken, het onbegrijpelijk  hemeldak, het
happen naar adem? Ik leef mijn buiten dit beeld dat haar blanco
strepen trekt. Het bloeddoorlopen spoor dat achterstevoren
pas als horror wordt herkend.  
 
Verguis deze valse romantiek. Het bitterkoud doet overleven
tot nagelhard. Het album bezwijkt haar kleur als ik haar
vorsend opensla. De waan van het nimmer inzien hoe
lijklucht en ziekte de tooi van Koning Winter -
 
 
      
       Elbert Gonggrijp,  Heiloo,  maandag 29 december 2014