Wednesday, August 10, 2011

Zoals ik het aantrof

Korte verhalen langs de kust – lief als
rimpelrozen – mij met kleur onthalend
– letters verwaaiend in de wind –

kamperfoelie klimmend om te wurgen,
woorden die helder voor ogen staan
– en al maar liggen op het gras –

de halm al in de mond – sprieten die vaag
naar toffees smaken – droog hooi en
liefdeslessen blozend in het open veld –

schaduwen bij volle maan. Duisternis
op het vlakke strand. Als ik mij mijzelf
vergat – liefst aan te spoelen –

te grabbel gooien – schelpen op mijn pad –
de een nog onbekender dan de ander.
De zeevlam doet de rest.


3 augustus 2011

Friday, August 05, 2011

Dit uitzicht

Naar Rutger Kopland

Meer is er niet en zal er ook niet zijn –
Een omvattend oog, een reikende hand
en niet meer te kiezen dan wat ik reeds
voorhanden had – dit uitzicht,
dit landschap.

Mij daarin te verliezen – zodat het hangen
blijft – voor later.

Het venster op een kier – een boom besloten
in zijn silhouet. Zo omschrijf ik het – wat werkelijk is
kent weinig woorden – een behoren tot wat zij
al wist –

Een tijd een weg om te mogen blijven. Voortaan
kijken een optie tot de verte, dit uizicht, het later.

Geen vragen als ik daar ben en niets meer
verlang dan haar stilstand.


12 juli 2011

Monday, August 01, 2011

Metgezel

In memoriam F.L. en een ieder die ik lief heb gehad


Zo is de nacht, tot aan
de sterren – een venster,
breekbaar als glas.

Er zijn weinig woorden
- die ik je nog toeken -
ik wil mijzelf de tranen.

Jij zegt dat het genoeg is,
dat dit moment volstaat
– dat ik er ben.

De dood kent weinig vrienden
– ontkleurt mijn huidig denken
– komt jou uiteindelijk halen –

Definitief. Ik op de voorgrond
van het rouwen – de nacht in,
tot aan de treurnis van
de sterren.

Is het genoeg?

1 augustus 2011

Sunday, July 31, 2011

As usual

Soms is het een vrouw die zegt
dat er niets is veranderd – dat de
tijd haar geen parten speelt – en
de eendjes altijd hun brood.

De bloemen water te geven
– voortdurend in de spiegel te
kijken – in het leven na de dood.

Er aantekeningen van maken –
aanspoelsel langs de vloedlijn
van de kust – en niet meer bewust
eenzaam willen zijn – maar dat is

voor later – als er plek is voor
grijze haren en een goed glas
rode wijn.

31 juli 2011


KLMNOP

Thursday, July 28, 2011

Notitie

Zie mij aan – ik heb tussen de varens
gelegen, verfrommeld, verfomfaaid,
verregend. Ik heb mijn plek gekend

– de klank nog op de lippen. Jij schreef
met vlugge halen wat ik behelsde –
vergankelijke letters in hun
onvoorspelbaar einde.

Wees zo vrij om mij zin voor zin
te declameren – toegang te krijgen
tot de onvermoede wereld die ik
met mij meedraag.

Er is de mogelijkheid om mij te doen
herkennen, voorzichtig, het papier te
ontvouwen en blij te zijn met de dag
van vandaag.

27 juli 2011

Friday, July 22, 2011

Voor de hand liggend

Het spreekt voor de hand dat met
de tijd wij minder degelijk zijn
– botten bijeengehouden

Door trage spieren, verwekende
lichaamsdelen op nader reces.
Gaan wij ooit nog buiten spelen?

De levensles kent niemand hier
van buiten. Het schoolkrijt ligt al
jaren bij het bord. Geen signaal

Dat het leven eenvoudig wordt.
Wie ons haalt kent zelf geen
gebreken – zoekt ons in zijn

Doodskleed op – een God die bij
nader inzien gebleken het lot
oneindig maal hier heeft getart.

Daar blijven wij achter – om onze
koers te varen – blind en onszelf
hoogst onzeker.

21 juli 2011

Tuesday, July 19, 2011

Mother Earth

Het is moeilijk het begrip tijd
niet in de mond te nemen,
want het is er – hier, in

Deze bomen, dit landschap, dit
uitzicht. Als ik er naast zit –
leg mij het uit.

Als zij oud is – geef het vleugels –
laat het koren golven in de wind –
zaaigoed voor sagen, zee voor
al wat vruchtbaar is – in goede
aarde.

Als zij jong is – laat haar bezinken
en gewiegd worden als een
onnozel kind – bodem nog
ongerept in de voren van
haar toekomst.

Mijn inzicht zal haar niet grijpen.
Zij zal het antwoord zijn op de
vraag die zij mij toekent –

Hoe te overleven als zij er niet
meer zijn zal.

18 juli 2011

Friday, July 15, 2011

Bomen

Project “ de boom “ , 9 juli 2011, Canadaplein, Alkmaar

Zoals wij hier staan – oud te zijn
in ons zwijgzaam verhaal – laat het
handen krijgen, letters rijgen

tot wat zichzelf heeft geleefd – een
evenbeeld van taal die daden kende
– bladeren ruisend In hun praten,

kinderen klimmend in de kruin – en
niets dan lachen. Zo wordt het
bedoeld. Laat het waaien: de wind

is goede vrienden met ons bomen.
Vertel het ons – al je dromen waar
je voor komt en vertel ze 1 voor 1.

Wij hebben nog veel groei voor de
boeg – van dat trage, waar de tijd
bijna stilstand wordt – het oog

zal het niet grijpen. Wat doe jij als
je wakker wordt? Haast heb je en
leeft jouw vele vragen.

Herinner je - tel de dagen – jouw
dood gaat ons voorbij – geef jezelf
een plek, even tot in de eeuwigheid.

8 juli 2011

Exposure

Het lichaam luistert nauw – Eros wil
haar stem verheffen en de climax
laat beseffen dat er ineens slechts
leegte is – een klein moment dat

De mens geen antwoord kent – lust
voorbij de grens van liefde – zweet
in het heetst van de strijd dat ons
van de tijd bevrijdt – een te zijn –

En altijd eenzaam – niets scherpers
dan die pijn, die illusie – elkaar
opnieuw uit te vinden – de adem
ons reeds ontnomen.

Zo moeten wij weg – het afscheid
daar – als wij klaar zijn met het
verlangen naar ons twee
– beschaamd en niet meer bij

Machte om te zeggen dat wij
van elkaar gehouden hebben.

15 juli 2011
.

Thursday, July 07, 2011

Ancient horse

Wie hier naar hooi ruikt, kent
weinig meelij, wie steeds maar
huivert, weert zich de vliegen.

Hij houdt van zijn kudde, de
merries, de veulens, de vlakte
het uitzicht – leeft de gedachte
dat alles van hem is.

Zodra de tijd toeslaat verdwijnt
hij in stilte – een gaan zonder
ophef, zoals hij ooit thuiskwam.

Een wezen heel edel, het hoofd
fier geheven. Ik zal hem erkennen.

Hij ment zich in vrijheid tot op
het eind.


11 juni 2011

Monday, July 04, 2011

Afsluitdijk # 2

Het licht wil mij iets kenbaar maken –
mij aan te raken met de zachte
glinstering van golven –

Gefluister nog net niet aan de
horizon onttrokken – wolken die
continue op dreiging staan – van
kwaad tot erger – in een morgen

Die op verwachting lijkt – Afsluitdijk –
zover wij reiken. Alles moet nog totdat
wij zover zijn haar te verlaten –

Kilometers verder – een voortdurend
praten – tegen elke beweging in.
Niet te haasten.

14 mei 2011

Gaasterland # 2

Glooiend kiest het landschap
voortgang – looppas langs een
traag verleden – langzaam alsof
er geen einddoel passeerde –

De bermen van gras die zich
geen elders herinneren – naakt
en onbewogen van tijd – jij en ik
ongebroken strijdbaar – in overgave.

Zo zou de aarde moeten zijn – een
kinds gezicht gegroefd van zijn
akkers – een lied geschreven
jong van belofte.

Zij hangt aan de lippen – signaal van
de klippen – een uitzicht oeroud
verlangend naar meer.

Hier ligt de rand – de schepping van
taal – een boek half open, het
raadsel nog schier…

13 mei 2011

Saturday, June 04, 2011

R.I.P.

Voor C.A.M.


Ik had je liefde toebedacht.
Een bloedverwant, een
zielsgenoot.

Nu breekt de dood de hechte
band. Ik kan geen woorden
meer verzinnen

om jouw leven te herwinnen
op een onverschillig lot.
Een God die ik niet waardig
acht.

Moet het dan beginnen, dan
maar zo: een lieflijk lied,
teder verdriet,

een laatste geluid voordat
de nacht je in haar armen
sluit.


13 maart 2011

Nu je er niet meer bent

In memoriam C.A.M.


Merkwaardig hoe ik jou vergeet:
ik ben mijzelf weer aangegaan,
alsof ik niet meer stil kon staan.

Ik deed voorgoed mijn hart op
slot, omdat ik niet begrijpen kon
hoe iemand slechts voor korte tijd

op deze aarde leven mocht – God
mag weten waarom. Verbijsterd
door dit vreselijk lot – zo jong, zo

mooi, zo wijs – heb ik geen tranen
meer – het Is over nu, het is uit.
Moe leg ik hier mijn strijdlust neer

en vervolg mijn oude pad. Ik heb
geen tijd. Het laatste wat ik van je
heb een kaart, wat bloemen op

een graf. Het is af. Ik kom niet
meer.


23 mei 2011

Sunday, May 01, 2011

Vocabulaire

Merelconcert 5.30 uur


In een ochtend wakker te worden –
een merel eigen – zich een lied
te verkrijgen helder als kristal,

Zacht als fluweel – tongval tot de
keel. Ik ken dit al want, ach – daar
lig je in mijn slaap, je handen op

Mijn borst – ik wil niet terug – de
droom te sterk. Herken mijn stem,
beantwoord hem zodra ik je zachtjes

Wakker maak – jou lieflijk in de ogen
kijk. Een vergelijk. Dit is het dus. Een
laatste kus voordat ik traag het bed
verlaat – de merel tegemoet…


1 mei 2011

Friday, April 29, 2011

De nacht in

Stilte, leeg zoals zij wacht – op de
schrijver in de nacht – letters diep
het duister in.

Geen enkele zin volmaakt van taal.
Wezenloos tot klank verdicht dat
zelfs de merel onzin zingt –

Geen melodie, elk lied gestaakt tot
hij weer ‘s ochtendvroeg ontwaakt.
Nu nog niet. Ik weet mijzelf niet
wat ik zie – tast de heldere hemel
af naar volle maan of

Sterrenbeeld – ontzaglijk dat het
nooit verveelt – zo diep voorbij
elk naakt bestaan.

Een stille wens, een groot gebaar
van eeuwige ontvankelijkheid.
Voordurend stil te zijn.

Zwijgen nietig bij elkaar – tot de
tijd herhalen gaat wat nog geen
toekomst kent – zij slaapt.


25 april 2011

Friday, April 15, 2011

Het uur Nu

Met woorden en gebaren
levend in een tijd waarin
wij samen kwamen,

voltrekt zich elk mogelijkheid
om de ruimte te ervaren
die zich ontvouwt bij elk
uur Nu.

Gebeurtenissen ingeklemd
tussen wat wij doen en wat
wij laten.

Hier, in elk Nu. Het uur is
ons genadig, begeeft zich
tussen grenzen. Een vroeger
en een later.

Zover wij zien en praten
het uur Nu,. in elk besef
waar wij uiteindelijk
verblijven,.

ogenblikkelijk , tot de
horizon ons welgevallig
blijkt.

4 april 2011

Le mort(Sweet magnolia)

In memoriam C.A.M.
(KNNV excursie Alkmaarderhout)


In zwanenzang en bloesemwit,
langs kerkhofpad in zielepijn,
vind ik mijn geliefde terug.

Geen tegenspraak, zij is de
dood, uit mijn armen
weggerukt, in haar

tulpen o zo fijn dat
tederheid haar doel
moet zijn.

De hemel blauw. Ik pleeg
een kus. Dit is het dus: een
afscheid in haar rein gelaat.

Voor hoe lang dat is de
vraag, voordat ook zij hier
sterven gaat.

De blaadjes een voor een…

7 april 2011

Friday, March 11, 2011

Zaaigoed

In het strooien vindt het
woord goede grond.

Vruchtbaar, in diepe voren,
kiemt het tot een gouden
zomer.

Welstand, in wuivend graan
geboren. Wiegenkind van
de wind.

Tot het oogst en zaaier vindt.
De hand trefzeker als ooit
tevoren…

7 maart 2011

Limosa Limosa

GRUTTO)


Een klaagzang, een diep verwijt,
maar zo feestelijk ingeleid dat
ik er haast van zingen zou;

zoals hij zwenkt en ons zijn
schone roeping schenkt.

Een naam in balts sterk
uitvergroot.

God gedankt voor al dit
wachten zoals hij nu hier
binnentreedt.

Een weidevogel heel concreet.
Ik zwijg. Het leven is weer
rond.

11 maart 2011