Ongevraagd
Hoezeer ik mij ook realiseerde dat jij mij niet toebehoorde,
jij onderbrak mij wanneer ik er niet om vroeg – de wolken
gejaagd in alle vroegte, de storm en de regen. Het viel
niet tegen te houden dat jij mijn metgezel was – een
jij onderbrak mij wanneer ik er niet om vroeg – de wolken
gejaagd in alle vroegte, de storm en de regen. Het viel
niet tegen te houden dat jij mijn metgezel was – een
vroege ochtend waarin alles nog moest, waarin ik nog
had te ontwaken – zo’n onbepaalde blauwe maandag.
Bij vlagen de wakkerende wind, meer dan ik verdragen
kon. Gaf ik je antwoord, kreeg ik allengs in de gaten
kon. Gaf ik je antwoord, kreeg ik allengs in de gaten
hoe onaflatend jij mij bepaalde. Ik zweeg en dacht er
het mijne van. De wind vlaagde bij vlagen – hield jij je
maar eens stil, hoefde ik mij maar niets af te vragen
waartoe jij mij wekte –
waartoe jij mij wekte –
Elbert Gonggrijp,
Egmond aan den Hoef,
maandag 30 september 2019
Egmond aan den Hoef,
maandag 30 september 2019