Wednesday, September 14, 2011

Stilte

Is er stilte, dan bij deze: een
kamer rijk gevuld met leegte,
de dingen zwijgend tot elkaar.

Wat als ik hier stilte was? Hoe
luid zou ik van haar spreken?

Boeken kunnen lettere kweken,
maar verstommen elk gerucht,
als de ogen het verdommen
het luidop te willen lezen.

Doe dan maar gordijnen dicht.
De wereld heeft nog niets te
vrezen zolang er steeds de
vrede is.

Stilte stemmig doorgegeven,
echo’s tijdloos tot mijn huid. Zo
raakt de plek in mij besloten,
komt er stilte boven uit.

4 september 2011

Afscheidsbrief

Voice-recorder

Waarin je zou zeggen dat je ging,
maar je ging niet. Waarin de hond
nogmaals kwispelde, maar hij lag

daar in al zijn wezen zijn roes uit
te slapen. Jij zou mij de laatste kus
geven, mij intens nog eenmaal

omarmen. Mijn lichaam klaagde
in al zijn onwetendheid dat het
nog geen tijd was af te rekenen

met dit huis, ons bed – dat het
waar is dat men tegen je is. Als ik
de deur sluit, is dat dan voorlopig

voldoende? Of dat je speelt met de
kinderen van diegene die eerbied
voor je heeft?

Zo te blijven en nergens op te
rekenen dan een schamel verblijf
in deze kleine ruimte.

13 september 2011

Monday, September 12, 2011

Slaaptrek

De wereld heeft
haar roerloosheid
verloren. Ontelbaar
delen de spreeuwen
mede hoe tastbaar
ze zijn, zwermen
van hier naar daar.

Ik onderga hun
vlucht gelaten, heb
het recht niet om
hier nog langer
bij stil te staan.

Waar zij heen
gaan niet aan
de orde.

Zij komen en
gaan toch wel.


25 januari 2005

(Uit de bundel " Ontvreemd domein ".)

Natuurwet

De cadans van kastijdende
golven die grauw op grijze
keien slaan – het tij is daar.

Wat wij weten is wat wij zien –
daarbuiten is alles anders.

Ik beweeg mij vrij binnen de
grenzen van mijn geest en ik
kijk – verwonderd –

hoe ik schelpen opraap –
ze te aanvaarden of ze te
verwerpen – een keuze –
aan de branding:
orde, chaos.

De tijd geduldig zolang ik
halsreikend naar haar
omkijk…

30 april 2011

Steeds dichterbij

De slaap gevat – maar voor
hoe lang. De duisternis niet
adequaat. Een zon die maar
niet onder gaat.

Het moment dat ik van je ken
voor de slaap al voorbereid –
een oprechte mogelijkheid
in vredesnaam steeds
dichterbij.

Het oog gespiegeld in een oog,
een kus verenigd met een kus –
zo is het dus – de intimiteit –
steeds dichterbij – in een
nieuwe tijd.

Ik vind je hier in gratie terug
en weet het lichaam van ons
2 een levensles, steeds
dichterbij – het zweet op
handen, armen, rug.

Totdat wij weer herenigd zijn –
de rust in ons is weergekeerd –
steeds dichterbij de waarheid
zijn –

1 plus 1 tot altijd 1.


26 april 2011

Sunday, September 11, 2011

Disappointed

Toen de muziek speelde, zachtjes
in de ontluikende morgen, een
amaryllis zich wiegde in de
huiselijke warmte.

Toen ik wakker werd, de tijd
bewust vergat om verder te
dromen. Ik had geen enkele
notie van mijn vroege zorgen.

Ik moest er op toe zien hoe
vergankelijk ikzelf was en al
dat mij omringde. Ik moest verder,
zoals jij jouw woorden uitsprak,

bitter, genadeloos. En ik,zoekend
tot het einde. Vruchteloos als de
slaap nu uit mijn ogen…


29 november 2010
Uitzicht

Het biedt zich aan, vindt verte
en velden, zover het oog reikt.
Hoe betreden wij haar domein,
haar rust, haar vrede?

De tuin. Verzamel de dingen,
raap ze bijeen, vind de
bomen, hun stilte, zo oud,
zo voorheen.

Stilzwijgen in rijen. Hoeveel
kun je ervan verdragen, nu het
zich wil openbaren?

En hoe wij ook kijken, het is
er zonder haast, zonder dat
het beantwoordt aan al
onze vragen.

Het is er. Zonder meer.
Wij, wij blijven achter,
wij blijven enkel wij.


21 april 2008






De onontkoombare tijd


Wat zegt de tijd? Alles wordt oud, past niet
in zijn vorm, slijt, sterft, trekt conclusies.

Zo ga ik de nacht in: gevangen in de illusie
dat alles straks weer beter wordt. Mijn
ogen nog gericht op een wonderschone
toekomst.

Ik kijk, zie lichtjaren ver hoe het begon
– het ontploffen van een ster. Dat het
uitdijt, uitdooft, zich een weg baant
tussen de oevers van de tijd.

Mijn heelal zo klein dat ik mijzelf bewust
ben: oud, tot in elke gedachte.
Waar ik op wacht volstrekt onduidelijk.

20 juli 2011

Sunday, August 28, 2011

Slapen

Geinspireerd door Ingrid Jonker


De mantel van de nacht heeft je
sterren toegedacht - maanstof -
glimlach - een vergeten woord

Ik heb nog even toegehoord hoe
zoete kussen de nachtuil koesterden -
prooi vindend in zijn laatste ogenblik

Geruisloos - zacht slaan ogen vredig
toe - wees maar moe - wees maar niet
bang - het vraagt niet om herinnering.

Ik heb het lichaam gevolgd - het tedere
instrument van de liefde - zoekend
naar dorst - het brandt

Een smeulend vuur - in de sintels naar
je furie gekeken - nu zo getemd - laat me
waken - laat mij de zee zo golvend zijn

Tot je branding het wilde briesen
staakt - wacht ik je - heb ik je lief


15 april 2009


Wednesday, August 24, 2011

Huis # 5

Voor Alja Spaan

Wie mij gezien heeft, denkt
de schoenen verlaten, moet
het licht nog uit doen, vraagt
zich af waar de vaat blijft.

Dit zijn de dingen van de dag:
pijnlijke herinneringen aan
later waarbij de vragen
achterwege zouden moeten
blijven.

Waarin zal het huis ons
tussenbeide komen? De tijd
verwelkomen die nog überhaupt
gastvrij is? Houvast bieden aan
de warmte van de nacht?

De kranten beamen een
vooruitstrevende oorlog. De koffie
heeft van zichzelf nog zoveel te doen.

Als wij ons gewekt weten, is het
daar om de klok er op gelijk te
zetten, de kalender af te scheuren,
de tekst te onthouden en er die
dag naar te leven:

Dat wij voorwaarts gaan, opgeheven,
monter en voldaan. De schoenen weer
tot onderdaan, maar eerst de feiten
op een rijtje.

Als de spiegel spreekt, wil het gezicht
nog bijgewerkt, de ouderdom
gladgestreken, de kraaienpootjes
tot een lach.

Vergeef ons onze schelmenstreken,
sluit voorgoed de deur en vervolg
de sleur tot nader orde.

23 augustus 2011

Wednesday, August 10, 2011

Op het strand


Ervaring kust Petten

Een vader met zijn zoon – hij een
jaar of acht – geven zich aarzelend
over aan de golven, d.w.z. alleen
de voeten nat en hun bouwsel
voor eeuwig plat.

Maar niet getreurd: we bouwen
een nieuwe, steviger dan daarvoor
totdat het houdt – een ivoren toren
van zand.

Mocht het vliegeren niet lukken
dan een ijsco in de hand – geluk
lachend in het vuistje.

Zomaar, een gedicht voor op
het strand. Als het grijs is en
de tijd nog stilstaat in hun
band.

10 augustus 2011

Zoals ik het aantrof

Korte verhalen langs de kust – lief als
rimpelrozen – mij met kleur onthalend
– letters verwaaiend in de wind –

kamperfoelie klimmend om te wurgen,
woorden die helder voor ogen staan
– en al maar liggen op het gras –

de halm al in de mond – sprieten die vaag
naar toffees smaken – droog hooi en
liefdeslessen blozend in het open veld –

schaduwen bij volle maan. Duisternis
op het vlakke strand. Als ik mij mijzelf
vergat – liefst aan te spoelen –

te grabbel gooien – schelpen op mijn pad –
de een nog onbekender dan de ander.
De zeevlam doet de rest.


3 augustus 2011

Friday, August 05, 2011

Dit uitzicht

Naar Rutger Kopland

Meer is er niet en zal er ook niet zijn –
Een omvattend oog, een reikende hand
en niet meer te kiezen dan wat ik reeds
voorhanden had – dit uitzicht,
dit landschap.

Mij daarin te verliezen – zodat het hangen
blijft – voor later.

Het venster op een kier – een boom besloten
in zijn silhouet. Zo omschrijf ik het – wat werkelijk is
kent weinig woorden – een behoren tot wat zij
al wist –

Een tijd een weg om te mogen blijven. Voortaan
kijken een optie tot de verte, dit uizicht, het later.

Geen vragen als ik daar ben en niets meer
verlang dan haar stilstand.


12 juli 2011

Monday, August 01, 2011

Metgezel

In memoriam F.L. en een ieder die ik lief heb gehad


Zo is de nacht, tot aan
de sterren – een venster,
breekbaar als glas.

Er zijn weinig woorden
- die ik je nog toeken -
ik wil mijzelf de tranen.

Jij zegt dat het genoeg is,
dat dit moment volstaat
– dat ik er ben.

De dood kent weinig vrienden
– ontkleurt mijn huidig denken
– komt jou uiteindelijk halen –

Definitief. Ik op de voorgrond
van het rouwen – de nacht in,
tot aan de treurnis van
de sterren.

Is het genoeg?

1 augustus 2011

Sunday, July 31, 2011

As usual

Soms is het een vrouw die zegt
dat er niets is veranderd – dat de
tijd haar geen parten speelt – en
de eendjes altijd hun brood.

De bloemen water te geven
– voortdurend in de spiegel te
kijken – in het leven na de dood.

Er aantekeningen van maken –
aanspoelsel langs de vloedlijn
van de kust – en niet meer bewust
eenzaam willen zijn – maar dat is

voor later – als er plek is voor
grijze haren en een goed glas
rode wijn.

31 juli 2011


KLMNOP

Thursday, July 28, 2011

Notitie

Zie mij aan – ik heb tussen de varens
gelegen, verfrommeld, verfomfaaid,
verregend. Ik heb mijn plek gekend

– de klank nog op de lippen. Jij schreef
met vlugge halen wat ik behelsde –
vergankelijke letters in hun
onvoorspelbaar einde.

Wees zo vrij om mij zin voor zin
te declameren – toegang te krijgen
tot de onvermoede wereld die ik
met mij meedraag.

Er is de mogelijkheid om mij te doen
herkennen, voorzichtig, het papier te
ontvouwen en blij te zijn met de dag
van vandaag.

27 juli 2011

Friday, July 22, 2011

Voor de hand liggend

Het spreekt voor de hand dat met
de tijd wij minder degelijk zijn
– botten bijeengehouden

Door trage spieren, verwekende
lichaamsdelen op nader reces.
Gaan wij ooit nog buiten spelen?

De levensles kent niemand hier
van buiten. Het schoolkrijt ligt al
jaren bij het bord. Geen signaal

Dat het leven eenvoudig wordt.
Wie ons haalt kent zelf geen
gebreken – zoekt ons in zijn

Doodskleed op – een God die bij
nader inzien gebleken het lot
oneindig maal hier heeft getart.

Daar blijven wij achter – om onze
koers te varen – blind en onszelf
hoogst onzeker.

21 juli 2011

Tuesday, July 19, 2011

Mother Earth

Het is moeilijk het begrip tijd
niet in de mond te nemen,
want het is er – hier, in

Deze bomen, dit landschap, dit
uitzicht. Als ik er naast zit –
leg mij het uit.

Als zij oud is – geef het vleugels –
laat het koren golven in de wind –
zaaigoed voor sagen, zee voor
al wat vruchtbaar is – in goede
aarde.

Als zij jong is – laat haar bezinken
en gewiegd worden als een
onnozel kind – bodem nog
ongerept in de voren van
haar toekomst.

Mijn inzicht zal haar niet grijpen.
Zij zal het antwoord zijn op de
vraag die zij mij toekent –

Hoe te overleven als zij er niet
meer zijn zal.

18 juli 2011

Friday, July 15, 2011

Bomen

Project “ de boom “ , 9 juli 2011, Canadaplein, Alkmaar

Zoals wij hier staan – oud te zijn
in ons zwijgzaam verhaal – laat het
handen krijgen, letters rijgen

tot wat zichzelf heeft geleefd – een
evenbeeld van taal die daden kende
– bladeren ruisend In hun praten,

kinderen klimmend in de kruin – en
niets dan lachen. Zo wordt het
bedoeld. Laat het waaien: de wind

is goede vrienden met ons bomen.
Vertel het ons – al je dromen waar
je voor komt en vertel ze 1 voor 1.

Wij hebben nog veel groei voor de
boeg – van dat trage, waar de tijd
bijna stilstand wordt – het oog

zal het niet grijpen. Wat doe jij als
je wakker wordt? Haast heb je en
leeft jouw vele vragen.

Herinner je - tel de dagen – jouw
dood gaat ons voorbij – geef jezelf
een plek, even tot in de eeuwigheid.

8 juli 2011

Exposure

Het lichaam luistert nauw – Eros wil
haar stem verheffen en de climax
laat beseffen dat er ineens slechts
leegte is – een klein moment dat

De mens geen antwoord kent – lust
voorbij de grens van liefde – zweet
in het heetst van de strijd dat ons
van de tijd bevrijdt – een te zijn –

En altijd eenzaam – niets scherpers
dan die pijn, die illusie – elkaar
opnieuw uit te vinden – de adem
ons reeds ontnomen.

Zo moeten wij weg – het afscheid
daar – als wij klaar zijn met het
verlangen naar ons twee
– beschaamd en niet meer bij

Machte om te zeggen dat wij
van elkaar gehouden hebben.

15 juli 2011
.