Thursday, April 20, 2023

PATROON


 
FOTO @ ELBERT GONGGRIJP

ONVERMOEIBAAR

 

ONVERMOEIBAAR
Duindagboekgedicht 193
Uitgewerkte notitie

 

Zover het zich een nieuwe lente betuigt – katjes als
grijpgrage vingers ten hemel geheven, het duim loom
uitgestrekt – wil het zich weer welkom heten – met
het welluidende van jubel en zang – de eerste
pioniers van nieuw leven.

Zo heb ik mij in zijn weldaad verschanst – hier, in
zijn residentie van groei en bloei, van luwte en wind,
van zon en schaduw. Zoals ik mij naar zijn kuren
schik, zolang ik mij heb te wennen aan zijn geijkte
paden, het rulle zand.

Dat jij dacht dezelfde voetstappen te zetten, moest
nog blijken. Nooit eerder had je hier zo aanwezig
zullen zijn, nu het uitnodigend licht, nu het
lieflijk landschap vriendelijk tracht te zijn,
niet langer vleugellam -           


Elbert Gonggrijp,
Egmond aan den Hoef,
donderdag 20 april 2023

 

FOTO @ ELBERT GONGGRIJP

  

Sunday, April 16, 2023

HET SCHEPPINGPROCES VAN HET GEDICHT - IN THE EYE OF THE BEHOLDER

Zondag 16 april 2023 – Ik wil toch proberen terug te gaan naar het dichten a.d.h.v. een idee. Ik heb het idee opgevat om het over schoonheid te hebben, een idee wat mij al jaren boeit. Want wat is schoonheid nu precies, is het een intrinsiek iets, ontleend aan wat je ervaart of iets persoonlijks? Men zegt in Engeland of Amerika wel: “Beauty is in the eye of the beholder”– ofwel het ervaren van schoonheid hangt af van het perspectief van de waarnemer…Toch lijkt er ook een algemene consensus te bestaan. Denk aan de schilderijen van Vincent van Gogh of die van Vermeer. Hoe zit dat dan? Een geschikt onderwerp om over na te denken…

 

 

Mary Oliver zegt over haar gedicht dat je moet proberen dusdanig weinig woorden te gebruiken dan strikt noodzakekijk is.

Voor mij bestaat er ook zoiets als de bedrieglijke schoonheid die je in de natuur aantreft – de dodelijke tijger of in de mensenwereld de verheerlijking van het Derde Rijk in de Tweede Wereldoorlog. Denk hierbij aan de wapenindustrie, de modellen oorlogsvliegtuigen of de pracht en praal waarmee Hitler en consorten zich hebben getooid. Iets anders – en dat vind ik naar mijn idee in het bovenstaande gedicht van Mary Oliver terug – is de schoonheid van het kleine, in het kleine. En mijn vraag blijft wat nu schoonheid werkelijk is. Zit het in de materie of het leven ingeweven? Daar zou ik het o.a. over willen hebben…En wat als schoonheid vergankelijk zou zijn zoals in het leven zit besloten, houdt schoonheid dan op schoonheid te zijn? Ik denk nu wel voldoende basismateriaal te hebben om een gedicht te kunnen maken…. Maar ik moet o.a. wel aan een documentaire over David Sylvian denken – Preparations for a yourney. Uit het YouTube filmpje een screenshot gehaald…

 

Schoonheid heeft voor mij alles met de muziek van David Sylvian te maken. Maar waarom dan? De sfeer, het esthetische, het gelaagde, het tijdloze? De mystiek van het oosterse? Waarom raakt het dan mij, aan mij? Daar zou ik een antwoord willen geven, of juist de vraag uitvergroten…. Dan, terwijl ik op bed lig, maar mijn notitieblok meeheb en de dichtbundel van de Poolse Milosz, ontstaat er spontaan een gedicht. Weliswaar nogal abstract, maar dat is dit onderwerp dan ook. Eerst de schets gedeeld – 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

En nu de herziene en uiteindelijke versie –